Gisteravond gekeken naar het tv-programma van Leo Blokhuizen, getiteld “Achter de dijken”. Ditmaal ging het over de bekendste eigenschap van Nederland ‘tolerantie’.

Samenleven is het continue hebben van ontmoetingen met andere mensen. Bij die grensontmoetingen botsen opvattingen, sentimenten en vooroordelen. Dit geldt zowel op straat, tussen organisaties als binnen organisaties; steeds ontmoet de mens de andere en moet hij het met hem zien te rooien. Dit geldt uiteraard voor beiden.

Om samen verder te komen is wederzijdse tolerantie een cruciale factor voor succesvol samenleven en -werken. En dat gaat ons heel goed af; de meeste Nederlanders leven met veel plezier en geluk in deze delta. Wie wel eens in andere landen heeft gewoond, gewerkt of vakantie gevierd, weet wat het betekent wanneer je niet zeker bent van water uit de kraan. Dat nog drinkbaar is ook! Tolerantie bevordert effectief samenwerken en ligt daarmee ook ten grondslag aan onze welvaart en welzijn.

Kunnen we dan op onze lauweren zitten? Nee, gelukkig niet. Steeds weer verandert de wereld en dus ook ons land; door nieuwe technologieën, inzichten, organisaties en landgenoten en veranderende emancipatoire opvattingen (over gender bijvoorbeeld). Wat gisteren normaal was en werkte, kan dat morgen niet meer zijn. Dus onze manier van samenleven verandert waardoor de invulling van onze toleratie mee moet evolueren.

Door omgevingsdynamiek verwordt tolerantie van statisch in een dynamisch begrip. We redden het niet meer met de ‘oude’ invulling van tolerantie.

Lange tijd was de Nederlandse tolerantie een calculatieve tolerantie. We accepteerden de andere vanwege ons eigenbelang. Dat konden droge voeten zijn waardoor katholieken en protestanten wel moesten samenwerken, wetende dat zij zichzelf toch wel beter, verhevene voelden boven de andere. Dat konden ook handelsbelangen zijn waardoor we wel voor menserechten zijn zolang die de handel maar niet in de weg zitten.

Tegenwoordig redden we het niet meer met die calculatieve tolerantie. De ander merkt dat hij getolereerd wordt, maar niet geaccepteerd als volwaardig persoon. Het betweterige toontje kleineert de andere waarmee de tolereerder zichzelf toch boven de andere plaatst. Dit geldt bijvoorbeeld in de discussie over de kloof tussen de elite en het klootjesvolk. Wanneer beiden zitten op ‘je mag er zijn, maar ik ben beter’ en uiteindelijk moet je doen wat ik vind, dan is succesvol samenleven ver weg.

Tolerantie heeft dus een boost nodig. Omarm daarvoor het perspectief van de andere. Dat is zo verrijkend. Stop met te snel je verheffen boven de andere en veroordeel het andere niet te snel.

Is dat voldoende? Ik denk het niet. Want samenleven levert continu dilemma’s op. Die omarmen en koesteren helpt tegenwoordig ook.

Echte tolerantie omarmt beide perspectieven; het zijne en het mijne. En het accepteert dat er daardoor dilemma’s ontstaan, die heel vaak in samenspraak opgelost kunnen worden.

 

Advertenties